terug naar overzicht roofvogels
IMG_9790
IMG_9808
IMG_9816
 IMG_9778
   Sperwer, Sparrowhawk , Accipiter nisus

Het is menigeen al overkomen: in de winter tijdens het voeren van de vogels op de voederplank flitst een grijze schim door de tuin en stuiven alle zangvogels alarmerend de struiken in. Het is een typische waarneming van een sperwer. Wie geluk heeft kan deze behendige achtervolger zien zitten met een prooi: een koolmees of soms zelfs vogels zo groot als een turkse tortel of zanglijster. De gele iris valt dan op, net als de fijn gebandeerde borst en de dunne maar krachtige, gele poten. Sperwers hebben stompe vleugels met een relatief groot oppervlak. De vleugels zijn veel breder dan van valken, waarvoor ze vaak worden aangezien. Opvallend is het grote verschil in formaat tussen mannetje en vrouwtje. Vrouwtjes zijn groter en zwaarder dan mannetjes en jagen op grotere prooien dan mannetjes
 

status: Jaarvogel, doortrekker in zeer groot aantal, wintergast in (vrij) klein aantal.
trek/stand/winter: Trekvogel
Trend en aantal: Vrij schaarse broedvogel; doortrekker en wintervogel in vrij groot aantal. Sperwers komen in geheel Europa voor, behalve in de echt boomloze gebieden. De grootste aantallen zijn te vinden in het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk.
Foerageer- en broedbiotoop: Bos, hoogveen, park en tuin, stedelijk gebied Voedsel- en broedbiotoopSperwers broeden van april tot juli. Precies dé periode dat er veel jonge zangvogels zijn uitgevlogen. Er is dus veel voedsel voorhanden. Sperwers, eens schuchtere bosvogels, komen tegenwoordig steeds vaker voor in dorpen en steden. Ze broeden het liefst in monotone naaldbossen of in loofbossen met een florerende ondergroei van struiken. Voedsel: De mannetjes hebben het vooral gemunt op kleine zangvogels, zoals mussen, de vrouwtjes doen zich te goed aan lijsters en duiven.
(informatiebron: Vogelbescherming)