terug naar overzicht vogels
 
  IMG_4774
  IMG_5083
 IMG_5256
   Sijs, Siskin, Carduelis spinus

De sijs is een contrastrijke, behendige vinkensoort. Heldergeel en zeer donker groen, wit met fijne streepjes, het verenpak is bont gekleurd. Sijzen broeden slechts weinig in Nederland, maar in de sparrenbossen van ScandinaviŽ is de soort erg talrijk. Grote aantallen sijzen bevolken in de winter Nederlandse tuinen. De spitse kegelvormige snavel is bij uitstek geschikt om zaden uit sparappels, elzenproppen en berkenkatjes te peuteren. In de winter maken sijzen ook graag gebruik van pindanetjes.

status: Jaarvogel. (Vrij) schaarse broedvogel
trek/stand/winter:  doortrekker en wintergast in (zeer) groot aantal
Trend en aantal: In de boreale naaldboszone van Noord-Europa en in bossen op berghellingen in Midden- en Zuid-Europa, van Groot-BrittanniŽ en Ierland tot Sakhalin in het Midden-Oosten. In het noorden komt de sijs voor tot ongeveer 70 graden noorderbreedte.
Foerageer- en broedbiotoop: Bos, park en tuin
Naald- en gemengde bossen, met een voorkeur voor sparrensoorten. Het nest wordt meestal in een naaldboom gemaakt, zelden in een berk, meestal op vrij grote hoogte en aan de 'buitenkant' van een tak.
Voedsel: Voornamelijk zaden van berken en elzen
(informatiebron: Vogelbescherming)