terug naar overzicht vogels
 
 IMG_5879
   Canadese gans, Branta canadensis

De canadese gans is een vreemde eend in de bijt. Deze forse ganzensoort komt oorspronkelijk uit - jawel - Noord-Amerika: Alaska, Canada en de noordelijke overige staten van de VS. Echte wilde canadese ganzen zijn zeer zeldzaam, maar daar staat tegenover dat deze gemakkelijk herkenbare soort veelvuldig in Nederland voorkomt: het zijn allen afstammelingen van vogels die voor de jacht zijn uitgezet, aangevuld met siervogels uit parken. Vooral in de natte delen van Nederland weet de canadese gans zich uitstekend te handhaven. Er gaan stemmen op dat deze uitheemse ganzensoorten de inheemse soorten direct beconcurreren, maar in de praktijk valt dat erg mee. Wel is het zo dat canadese ganzen in Nederland regelmatig kruisen met andere ganzensoorten, terwijl dit in het oorspronkelijke leefgebied niet of nauwelijks aan de orde is. In Noord-Amerika leeft bovendien nog een andere soort, de Hutchins' canadese gans, ook wel kleine canadese gans genoemd. In Nederland is deze zťťr zeldzaam. De grote canadese gans is een soort die zijn verspreidingsgebied bijzonder snel weet uit te breiden. Jonge vogels zijn pas na twee jaar geslachtsrijp. Naast de broedende vogels is er nog een aanzienlijke groep jonge vogels aanwezig, die nog niet aan de voortplanting meedoen.
 

status: Vrij talrijke broedvogel, oorspronkelijk uitheems
trek/stand/winter: Grotendeels standvogel, maar bij strenge winters in ScandinaviŽ overwinteren veel Zweedse canadese ganzen in Nederland.
Trend en aantal: Sinds circa 1650 is de Canadese gans begonnen aan zijn opmars in Europa, nadat de vogels voor consumptie en als jachtwild naar Europa zijn gehaald. Uit onderzoek is gebleken dat sommige populaties inmiddels last hebben van verlies aan heterozygositeit (genetische rijkdom), maar er is nog niets gebleken over verminderde levensvatbaarheid van de canadese gans. De verwachting is dan ook dat de soort zich nog verder over Europa en AziŽ zal gaan verspreiden. Het bestand in Nederland bedraagt ongeveer 1.000 tot 1.400 paren, maar daarnaast leven er een flinke hoeveelheid ongepaarde jonge vogels. Canadese ganzen zijn pas geslachtsrijp op tweejarige leeftijd.
Foerageer- en broedbiotoop: Natte gebieden, zoals veenplassen, maar ook grindputten en retentiebekkens, vormen een uitstekend leefgebied voor de canadese gans. De canadese gans is een planteneter, met zijn lange hals gespecialiseerd in het eten van voor andere grondelaars onbereikbare onderwaterplanten. Maar ook mals gras, sappige kruiden en jonge blaadjes van struiken worden wel gegeten.
(informatiebron: Vogelbescherming)