Kemphaan, Ruff, Calidris pugnax
6880_150707 6915_150707 6917_150707 7200_150804  
Deze spectaculaire, zeldzame weidevogel broedt in schrale, vochtige, bloemrijke graslanden, vrijwel uitsluitend in reservaten. Kemphanen zijn bekend door de fraaie voorjaarstooi van de mannetjes, die op de toernooiveldjes schijngevechten houden om de gunst van de vrouwtjes. Na de paring draaien de vrouwtjes op voor de zorg om het broedsel. Kemphanen zijn in ons land vooral nog te zien in de trektijd, maar ook wel in de winter.

Middelgrote steltloper met veel gedaanten. Typische vorm door relatief groot lichaam, vrij lange hals en middellange, iets omlaag gebogen snavel. Witte vlakken aan staartzijden, weinig opvallende vleugelstrepen. De mannetjes hebben in het voorjaar een opvallende kraag en oorpluimen en zijn zeer divers in kleur en tekening. De kleinere vrouwtjes zijn licht- of donkerbruin en hebben oranje poten.
Mannetjes baltsen op gemeenschappelijke baltsplaatsen ("leks"), waar ze schijngevechten uitvoeren. Diverse kleurtypen hebben verschillende rollen op de lek. Vrouwtjes paren op of vlakbij de lek. Niet-territoriaal, vrouwtjes broeden soms dichtbij elkaar; paart soms tijdens de voorjaarstrek. Broedt op de grond, in spaarzaam bekleed kuiltje, goed verborgen in lage vegetatie. Legtijd mei-juni. En broedsel; meestal vier eieren. Vrouwtje neemt gehele broedzorg op zich. Broedduur 20-23 dagen. Jongen zijn nestvlieders, worden door vrouwtje begeleid. Vliegvlug na 25-28 dagen, vrouw verlaat jongen vlak voor uitvliegen.
Toendra's met plasjes, meren en drogere, hoger gelegen delen om te baltsen. In West-Europa structuurrijke, vochtige, schrale graslanden (hooiland of extensief begraasd) met open water (slootjes, poelen) en slikranden. Buiten de broedtijd natte en drogere graslanden, slikvlakten, ondiep wateren. Meer aan zoet dan aan zout water. In West-Afrika in rijstcultures.
Gewoonlijk zwijgzaam; in broedgebied soms een laag "ga-ga-ga".





(info van Vogelbescherming.nl)
Insecten en larven van insecten, vooral vliegen en kevers. Buiten het broedseizoen gevarieerder, dan ook kreeftachtigen, wormen, slakjes e.d. In Sahel in de winter ook rijst en granen.
Over een breed front naar zuidwest, richting tropisch Afrika, vooral van juli-september. Overwintert in zachte winters ook in Nederland. Nederland is als doortrekgebied voor kemphanen in het voorjaar recentelijk sterk in belang afgenomen. De voorjaarstrek door Europa vindt over een oostelijkere route plaats, vooral in april en mei.Trekt vooral 's nachts, maar ook wel overdag.